Interne zorg houdt scholier binnenboord
Bron: Volkskrant, 17 april 2009
DOETINCHEM - Om schooluitval onder ‘overbelaste’ jongeren tegen te gaan, hebben steeds meer scholen schoolmaatschappelijk werkers in huis.
Judith (18) was zo onzeker over zichzelf, dat ze daar last van begon te krijgen op school. ‘Als ik met klasgenoten moest samenwerken, dacht ik: ze vinden me vast niet goed genoeg, ze willen me er natuurlijk niet bij hebben. Dan trok ik me terug, of ik werd uit het niks onredelijk kwaad.’
Op de beroepsopleiding tot onderwijsassistent aan het Graafschap College, een mbo-school met negenduizend leerlingen in Doetinchem, begon Judith ineens slechte cijfers te halen. ‘Ik kon me niet goed meer concentreren. Toen ik zelfs een onvoldoende haalde voor Nederlands, mijn beste vak, dacht ik: er moet iets gebeuren.’ Via een docent kwam ze terecht bij de maatschappelijk werker, met wie ze onder schooltijd kon afspreken.
Overbelaste leerling
De maatschappelijk werker zit namelijk steeds vaker letterlijk in de school. De leerling met ‘psychosociale problemen’, ook de ‘overbelaste leerling’ genoemd, kan zo makkelijk en zonder drempel bij deze zorgverlener terecht. Scholen zijn verplicht dergelijk ‘zorgbeleid’ te ontwikkelen, om schooluitval te signaleren en te voorkomen.
Dit geldt sterk voor mbo’s, bleek onlangs uit een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Daarin werd gesteld dat er extra zorg op school dient te komen – juist voor mbo-leerlingen – die ertoe moet leiden dat de scholieren die thuis ‘structuur en verbondenheid’ ontberen,
toch hun opleiding afmaken.
Op het Graafschap College kwam Judith terecht bij Lidie Simmelink (48), die sinds december samen met Katalinka Groot Obbink (29) aan de slag is als schoolmaatschappelijk werker. Zij voeren nu gesprekken met dertig van de negenduizend leerlingen.
Beter gevoel
Simmelink maakte een plan om Judith een beter gevoel over zichzelf te geven. Al na een paar gesprekken ging het de goede kant op. Simmelink: ‘Niet iedereen die bij ons aanklopt, kunnen wij zo makkelijk helpen als Judith. Judith krijgt veel steun van haar ouders, maar vaak is de thuissituatie ingewikkeld: gescheiden ouders, of ouders met schulden of een alcoholprobleem. Die kinderen hebben het moeilijk op school.’ ‘Het zijn leerlingen in een lastige leeftijd. Ze worstelen met hun identiteit. En ze willen zo graag zelfstandig zijn en loskomen van thuis. Maar het lukt ze nog niet alle problemen zelf op te lossen.’
Blowen
Zo heeft Groot Obbink op het moment te maken met een meisje (18) dat zoveel blowt, dat haar stage en school eronder lijden. Maar zelf wil ze het niet toegeven. ‘Ik laat haar nu een weekschema maken waarop ze moet aankruisen wanneer ze gebruikt. Zo hoop ik dat ze inzicht krijgt in haar verslaving en dat het me lukt haar te verwijzen naar verslavingszorg. Je kunt zo’n meisje natuurlijk ook schorsen, maar dan ben je haar kwijt. Misschien komt ze dan helemaal niet meer terug op school.’
Er zit een grens aan de problemen die een schoolmaatschappelijk werker kan behandelen, zeggen de maatschappelijk werkers van de welzijnsorganisatie Sensire uit Doetinchem. Simmelink: ‘Zo gauw een leerling echt psychiatrische klachten heeft, gaat het boven onze pet. Soms herkennen we symptomen van psychosen, autisme, een depressie. Dat is te heftig. Wij kunnen begeleiden, maar niet behandelen.’ Groot Obbink vult aan: ‘Dat wordt dan ons doel: een leerling goed verwijzen, zodat hij daadwerkelijk bij een andere hulpverlener terechtkomt. Pas dan laten wij zo iemand los.’
Gesprek
Met Judith gaat het inmiddels beter. Ze heeft een gesprek aangevraagd met een docent, omdat ze het gevoel had dat die haar niet serieus nam. ‘Dat had ik hiervoor nooit gedurfd. En het wonderlijke was: zij blijkt mij juist een heel goede leerling te vinden. Het gaat nu zoveel beter, ook thuis, en in mijn nieuwe korfbalteam. Ik laat niet meer over me heen lopen. Ik kan veel meer dan ik dacht.’
-------------------------------------
Plusschool helpt overbelaste leerling direct
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid ( WRR) publiceerde begin dit jaar het rapport Vertrouwen in de school over het tegengaan van schooluitval onder ‘overbelaste’ jongeren. De belangrijkste aanbeveling is om leerlingen die door een stapeling van problemen vastlopen in het onderwijs, binnen de schoolmuren op te vangen via jeugdzorg of maatschappelijke opvang. Op deze zogeheten ‘plusscholen’ moeten leerlingen direct terechtkunnen met hun problemen. De hulpverlener probeert de leerlingen direct te helpen of zorgt dat ze worden doorverwezen naar deskundigen zoals een psycholoog, verslavingszorg, gezinszorg of bijvoorbeeld schuldsanering. Doel is te voorkomen dat leerlingen school verzuimen omdat ze in de reguliere hulpverlening op wachtlijsten staan, of zich bij een hulpverlener ver van huis of school moeten melden.
In het vmbo werken de meeste scholen al met zogeheten Zorgadvies Teams (ZAT). Gemiddeld is er een team beschikbaar per zevenhonderd leerlingen. In het mbo is de zorg volgens de WRR aanzienlijk minder goed geregeld. Driekwart van de roc’s heeft een ZAT op gemiddeld 3.900 leerlingen. Het mbo is nu bezig met een inhaalslag.