We maken zorg weer onderdeel van het gewone leven. Niet als iets dat we voor mensen organiseren, maar iets dat samen gebeurt: met cliënten, hun naasten, de buurt, én de zorgprofessional. We doen dat op een manier die past bij Sensire: met aandacht, met vakmanschap, en met elkaar.
Margje Mahler, bestuurder Sensire, stelt in het interview met PFZW: “We zijn als samenleving taken die voorheen tot het gewone, sociale verkeer behoorden, gaan beschouwen als professionele zorg … Ooit was dat burenhulp. Nu is het een declarabele handeling, maar dat is het niet - of moet het niet zijn … We gaan de zorg ontdoen van alles wat er ongemerkt is ingeslopen.” Margje noemt dat “duurzame zorg, waarin het woord ‘samenhang’ een grote rol speelt, in buurten en wijken, mét en om ouderen heen. Zorg waarin professionals, naasten en ouderen samen zaken oplossen”. En de regie bij mensen zelf ligt, en niet bij de zorg.
Naobij de buurt
‘Naobij de buurt’, zo heet ons programma, onze aanpak, dat zorg terugbrengt naar de gemeenschap. Sensire maakt hiermee een fundamentele omslag: van zorg georganiseerd rond systemen naar zorg vanuit de leefwereld van de cliënt. Wie hebben we voor ons en wat heeft diegene nodig en van wie? Wat kan diegene nog zelf en met zijn eigen sociale netwerk? Het programma brengt zorg terug naar de essentie: zorg is een aanvulling op het leven in plaats van een ‘vervanging van het leven’.
In buurttuinen en leertuinen wordt geëxperimenteerd met deze manier van werken, waarin de buurt, familie en het netwerk vanzelfsprekende onderdelen zijn van de zorg. We zijn in 2025 gestart met vier buurttuinen: drie gericht op Langer Thuis, één gericht op Herstel van Veerkracht.
Daarnaast zijn en komen er ook leertuinen. Daar gaan we nog niet meteen ‘doen’, maar wél ontdekken en ontwerpen. In 2026 richten we een leertuin in voor Hoogcomplexe Zorg en een voor Ambulante Expertise. In deze leertuinen gaan we onderzoeken wat er nodig is om later goed te kunnen starten: welke rollen moeten we vormgeven, wat hebben (zorg)professionals daar nodig, en hoe gaan we dat slim en werkbaar organiseren? Wat we leren, gebruiken we na 2026 om ook op andere plekken de beweging te maken.
In 2030 willen we dat deze manier van werken normaal is. Dat we werken in buurtteams die echt passen bij de mensen om wie het gaat. Dat we minder denken vanuit systemen en meer vanuit het leven van mensen. Dat we goede ondersteuning bieden, zonder het over te nemen. En dat we samenwerken met de mensen om de cliënt heen, zodat die zich gedragen en gezien voelt. Daar werken we stap voor stap naartoe. En daar zijn we nu samen aan begonnen.
De Raad van Bestuur heeft de nieuwe toekomstvisie van Naobij de buurt gepresenteerd bij de Cliëntenraad van Sensire. Sensire is zich ervan bewust dat deze nieuwe visie niet alleen impact heeft op onze zorgprofessionals en de manier van werken, maar ook voor veranderingen zorgt aan de ‘kant’ van de cliënt en zijn of haar netwerk.
Tijdens de halfjaarlijkse themabijeenkomst over het Generiek Kompas 'kwaliteit van bestaan’ met de locatieraden van Sensire werd duidelijk dat ook cliëntvertegenwoordigers de ingezette beweging ondersteunen en bereid zijn mee te denken. De locatieraden moedigden Sensire aan om meer ruimte te geven aan het gewone leven, ook als dit risico’s met zich meebrengt. In lijn hiermee worden de raden betrokken bij de ontwikkeling van de buurttuinen binnen het programma Naobij de buurt.
Samen wonen en leven met alleen zorg wanneer dat nodig is, door als cliënten, familie en andere naasten, zorgprofessionals en andere ‘samenwerkers’ met een andere achtergrond samen te werken: dat doet Sensire al twee jaar middels de ‘Anders Wonen’ beweging op De Grachten Promenade. Een gemeenschap in het klein, waar blijkt dat mensen zonder zorgopleiding niet meer weg te denken zijn in de manier waarop we zorg bieden.
Dilemma experimenteren versus de realiteit
Op de Grachten Promenade konden we de afgelopen jaren samen écht experimenteren: het leren door te doen, op een plek waar nog geen kaders waren. De juiste ingrediënten om een community op te bouwen, zoals nieuwe cliënten, nieuwe collega’s en de juiste energie om zoiets nieuws te doen, leverden Sensire veel waardevolle informatie op. Onder andere het werken vanuit de uitgangspunten dat er wordt gehandeld vanuit nieuwsgierigheid in plaats van gewoonte; zoals thuis en gelijkwaardig in plaats van vanuit het instituut; en op basis van eigen regie, zelf- en samenredzaamheid in plaats van alle zorgen over te nemen. Ook hebben we daar een aantal lessen geleerd die we nu willen toepassen op andere locaties.
Lees hier meer over de geleerde lessen.
Als we zorg dichtbij willen organiseren, verandert ook de kijk op stenen. In ons strategisch kernenplan delen we onze gedachte hierover: “We gaan van ‘zorg in een gebouw’ naar ‘zorg in de buurt’, waarbij we de kracht van de gemeenschap en het motto ‘leven zoals u wilt’ als uitgangspunt nemen”, zegt Nick Hagenbeek, Clustermanager Huisvesting, Facilitair en ICT. Nick vervolgt: “We stappen af van het idee dat een intensieve zorgvraag automatisch leidt tot een verhuizing naar een woonzorgcomplex. In plaats daarvan zetten we vol in op het versterken van de lokale gemeenschap, het stimuleren van zelfstandigheid en het benutten van de kracht van ‘naoberschap’.”
Deze nieuwe visie maakt dat afgelopen jaar besloten is dat de geplande nieuwbouw op het terrein van Den Ooiman in Doetinchem in de huidige vorm niet doorgaat. Dit was een moeilijk en uitzonderlijk besluit, zeker gezien de bestaande verwachtingen rondom de nieuwbouwplannen en de noodzaak om de verouderde huisvesting aan te pakken. Toch is de keuze weloverwogen: de bestaande plannen sluiten simpelweg niet meer aan bij de samenleving van nu en de toekomst.
Renée Wilke, Raad van Bestuur Sensire: “We willen passende zorg bieden, maar dan op een manier die beter aansluit bij het leven van nu en de wereld van morgen. Dat vraagt om een andere manier van wonen, waarbij samenwerking met familie, buren en lokale organisaties centraal staat.”
Om die nieuwe manier van wonen vorm te geven, gaan we opnieuw in gesprek met de gemeente, woningbouwcorporaties en de gemeenschap om te onderzoeken welke woonbehoeften er specifiek op deze locatie leven.
Om de zorg daadwerkelijk terug te kunnen brengen naar de leefwereld van de cliënt, is het van belang om te weten wie de cliënt is en wat hij of zij nodig heeft. Het afgelopen jaar hebben we opnieuw gezien hoe belangrijk een open gesprek daarvoor is. Door een gelijkwaardige dialoog te voeren, zien we op locaties als De Bloesem in Neede, De Lunette in Zutphen en Den Ooiman in Doetinchem waardevolle praktijkvoorbeelden. In een open gesprek ontdekken we wat kwaliteit van bestaan voor de cliënt betekent en hoe we dit, samen met hun naasten en netwerk, het beste vorm kunnen geven. Hoewel zorgprofessionals deze open gesprekken al voeren, is gebleken dat een vaste structuur of methodiek ontbreekt. Dat maakt dat op dit moment niet inzichtelijk is of we overal een écht diepgaand open gesprek voeren over wensen, verlangens en ervaringen van de mens met een zorgvraag. De eerder geboden scholing 'het goede gesprek' was een waardevolle start om onze professionals te voorzien van de nodige tools en inzichten. Toch sloot deze scholing niet helemaal aan op de behoeften van zorgprofessionals en staan we nog voor een uitdaging: wat is er nodig om het open gesprek écht continu te blijven voeren? We willen voorkomen dat we opnieuw een scholing gaan aanbieden die niet helemaal aansluit op de behoeften van onze zorgprofessionals. We gaan daarom samen met zorgprofessionals onderzoeken wat maakt dat het op de ene plek (De Grachtenpromenade als voorbeeld) wél lukt om continu dat open gesprek te voeren, maar op andere plekken wat minder. Daarna gaan we met elkaar bepalen wat er vanuit de organisatie aanvullend nodig is.
Hoe ervaren cliënten en/of hun naasten de zorg, ook in het veranderende zorglandschap? Ook dat is een vraag waarover we doorlopend in gesprek zijn met cliënten. In augustus 2025 zijn we gestart met een nieuwe werkwijze van ophalen van cliëntervaringen via de vragenlijst uit het Generiek Kompas. Door een nieuwe werkwijze rondom het ophalen van cliëntervaringen is er een stijging van zowel het aantal uitgezette lijsten als de absolute respons: van 892 binnen 10 maanden in 2024 naar 1131 binnen 5 maanden in 2025. We zijn trots op de mooie cijfers die we van cliënten en hun naasten hebben ontvangen en blij met de waardevolle feedback. In lijn met de visie van Sensire, waarin kwaliteit ontstaat in de relatie tussen zorgprofessional en cliënt, zijn de teams in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor het analyseren van de resultaten en het leren en de reflectie hierop. De uitkomsten zijn input voor verschillende gesprekstafels, zoals de familiebijeenkomsten, locatieraden, ‘Sensire luistert’-bijeenkomsten en verbindingsgesprekken. Hier kunnen de resultaten geduid worden om te leren, reflecteren en verbeteren.
We merken echter wel dat de manier waarop de vragen gesteld worden zoals beschreven in het Generiek Kompas niet altijd passend zijn in de praktijk. Hoewel deze discussie bij de totstandkoming van het Generiek Kompas al in de Kompasraad is gevoerd, vinden we het wel belangrijk dit punt hier te noemen omdat het binnen Sensire een worsteling is geweest hoe hiermee om te gaan in het afgelopen jaar. Mede daarom is ervoor gekozen om de vragenlijst uitsluitend digitaal uit te vragen. Hiermee zien we een stijging in het responsaantal, echter roept het ook de vraag op in hoeverre de vragenlijst daadwerkelijk bijdraagt aan het doel ‘leren, reflecteren en verbeteren’. Daarom zijn we aan het onderzoeken wat een passende kwalitatieve cliëntervaringsmethodiek binnen Sensire kan zijn, ter aanvulling op de digitale, kwantitatieve vragenlijst. Hiervoor zijn inmiddels de eerste gesprekken gevoerd met zorgprofessionals en medezeggenschapsraden.
We vinden het belangrijk dat cliënten eigen keuzes kunnen blijven maken en de vrijheid hebben om te gaan en staan waar ze willen, ook wanneer er sprake is van dementie. Voor 960 van de ongeveer 1000 cliënten bij Sensire is dat ook gelukt! Ondanks onze goede voornemens zijn we er nog niet in geslaagd om op iedere locatie van Sensire de deuren volledig te openen. Afgelopen jaar hebben we hier wel weer mooie stappen in gezet, want in navolging van vele andere locaties van Sensire zijn ook op Sensire Pelgrimhof in Gaanderen, Sensire De Lindenhof in Vorden en Sensire de Heikant in Wehl de deuren geopend. We kijken hierbij niet alleen naar de inrichting van onze eigen locaties, maar betrekken ook partners in de wijk om te bekijken hoe we de buurt dementievriendelijk kunnen maken. Iets waar de beleefinstrumenten bij de Martinushof in Twello symbool voor staan.
Toch is het openen van alle deuren soms ook wel lastig. Hoe ga je bijvoorbeeld om met een cliënt met dementie die thuis altijd nog zelfstandig heeft gefietst en nu in een huis van Sensire komt wonen? Beperken we de bewegingsvrijheid buiten om risico’s (zoals verdwalen of ongelukken) te vermijden, met onrust voor de cliënt als gevolg? Of kiezen we er bewust voor om de regie bij de cliënt te laten en worden de risico’s zorgvuldig afgewogen en soms aanvaard? In de gesprekken die we ook afgelopen jaar met zorgprofessionals gevoerd hebben kwam naar voren dat in dit soort vraagstukken niet altijd één pasklaar antwoord is. Het vraagt om een eerlijk, open en kwetsbaar gesprek binnen het team en met naasten om tot een gewogen besluit te komen. Een regieverpleegkundige ouderenzorg vertelt: "Toen we de deuren van onze locatie openden was het vertrekpunt van ons als team, samen met de behandelaren en naasten, voornamelijk de veiligheid van de cliënten. Vandaar dat veel van de cliënten uit voorzorg nog een leefcirkel hadden. De gesprekken met de Wet zorg en dwang (Wzd) -functionaris gaven ons het inzicht dat we niet alleen vanuit risico’s moeten denken, maar juist vanuit mogelijkheden en optimale, passende vrijheid voor iedere cliënt."
Soms blijkt het na een zorgvuldige afweging toch nodig om de bewegingsvrijheid van een individuele cliënt te beperken. Om in deze gevallen cliënten toch een groter gevoel van vrijheid te geven, heeft Sensire De Martinushof in een pilot onderzocht of gezichtsherkenningstechnologie hieraan bijdraagt; een samenwerking tussen Avics, 20face en Sensire. De technologie is bedoeld voor enkele cliënten die op indicatie en na bespreking niet zelfstandig de open deur uit kunnen. Gezichtsherkenning is daarbij geen aanvulling, maar dient als alternatief voor het dwaaldetectiesysteem met polsbandjes, die door sommige cliënten als hinderlijk worden ervaren. “Met deze technologie krijgen cliënten meer ruimte om, ondanks de vrijheidsbeperking die hen (tijdelijk) is opgelegd, hun eigen leven te leiden zoals zij dat gewend zijn,” zegt Jeroen Klunder, regisseur vastgoed & techniek van Sensire. Inmiddels is de pilot afgerond. Hoewel de pilot goed verliep, moeten enkele cruciale punten nog doorontwikkeld worden voordat we de technologie als alternatief kunnen inzetten.